4de zondag door het jaar – 1 februari 2026
bij Mt 5,1-12 uit Augustinus’ s.dom.m. 1,2
Het begin van de toespraak op de berg luidt aldus: “Bij het zien van de grote menigte ging Jezus de berg op en toen Hij was gaan zitten, kwamen zijn leerlingen bij Hem. Hij opende zijn mond en onderrichtte hen met deze toespraak.” (Mt 5,1-2) Stel dat iemand vraagt: “Wat verbeeldt die berg?” Men begrijpt het goed dat de berg staat voor de belangrijkste voorschriften van de gerechtigheid. De voorschriften die aan de joden waren gegeven, zijn immers minder belangrijk. Toch is het de ene God die volgens een uitstekend geordende tijdsindeling door zijn heilige profeten en dienaren de minder belangrijke voorschriften heeft gegeven aan een volk dat nog door vrees in toom moest worden gehouden. Maar door zijn Zoon heeft Hij de belangrijkste voorschriften gegeven aan een volk dat nu door liefde in vrijheid behoorde te worden gesteld. De minder belangrijke voorschriften worden aan een klein volk gegeven en de belangrijkste aan een groot volk. Alle voorschriften komen echter van Hem, die als enige in staat is op het juiste ogenblik het geschikte geneesmiddel aan de mensheid te verlenen. En het is niet verwonderlijk dat de belangrijkste voorschriften worden gegeven omwille van het koninkrijk der hemelen en de minder belangrijke zijn gegeven omwille van een aards koninkrijk: wel zijn ze allemaal afkomstig van één en dezelfde God die hemel en aarde gemaakt heeft. Over de zojuist genoemde gerechtigheid wordt dan ook op profetische wijze gezegd: “Uw gerechtigheid is als de bergen van God.” (Ps 36,7) En zo wordt er fraai op gezinspeeld dat de enige Leraar die voor het onderricht van zulke belangrijke dingen geschikt is, onderricht geeft op een berg.
De Heer geeft zittend onderricht. Dat slaat op de waardigheid van de leraar. En zijn leerlingen kwamen bij Hem. Om zijn woorden te horen wilden zij ook lichamelijk dichterbij zijn, nu ze er geestelijk aan toe waren om zijn voorschriften te vervullen.
Uit: Leo Wenneker en Hans van Reisen, Aurelius Augustinus – Het huis op de rots: verhandeling over de bergrede [De sermone Domini in monte], [Ambo] Amsterdam 2000 / [Damon] 2004, 58 (= s.dom.m. 1,2)
