27 september 26ste zondag

26ste zondag door het jaar – 27 september 2026
bij Mt  21,28-32  uit Opus Imperfectum 40 (PG 56,849) 

Wie anders is de vader uit deze gelijkenis dan de God die alle mensen schiep en hen liefheeft met vaderlijke genegenheid? Hij verkoos liever als een vader bemind te worden dan als een heer te worden gevreesd, hoewel Hij uiteraard heer is. Aan het begin van de tien geboden van de wet zei Hij daarom niet dat je de Heer moet vrezen met heel je hart, maar: “Je zult de Heer liefhebben met heel je hart” (Dt 6,5). De oproep tot liefde is niet karakteristiek voor een heer maar voor een vader. De oudste zoon uit deze gelijkenis vertegenwoordigt de heidenen, want zij stammen af van hun vader Noach; de jongste zoon vertegenwoordigt de joden, die van Abraham afstammen. En toen de vader eerst de oudste benaderde, zei hij: “Mijn zoon, ga vandaag werken in mijn wijngaard.” Vandaag slaat op de tegenwoordige tijd. En hoe benaderde die vader zijn zoons? Hij richtte zich niet tot hen van aangezicht tot aangezicht, maar hij sprak hen aan in het hart zoals God. Mensen reiken met hun woorden slechts tot de oren van een ander, maar God levert inzicht aan het verstand.

Uit: Manlio Simonetti (ed), Ancient Christian Commentary on Scripture: New Testament 1B, – Downer’s Grove (USA) : Inter Varsity Press 2002, p. 135-136.