13 juni: 11de zondag

11de zondag door het jaar – 13 juni 2027
bij Marcus 4,26-34 uit Ambrosius’ uitleg van het Lucasevangelie 7,177-180:
Als het rijk der hemelen dus als een mosterdzaadje is en het geloof dat ook is, dan is het geloof dus het rijk der hemelen en het rijk der hemelen het geloof. Wie daarom het geloof bezit, bezit het rijk der hemelen. Zowel het rijk als het geloof liggen dan binnen ons bereik. Wij lezen immers: “Het rijk van God ligt binnen uw bereik,” (Lc 17,21) en elders: “Bewaar het geloof in u.” (Mc 11,22) (…)
Laten wij nu afgaan op wat mosterd vanuit zijn natuur is en beoordelen waar de kracht van de vergelijking in zit. Het zaadje ervan is beslist iets nietigs en simpels, maar begint men het stuk te wrijven, dan komt de kracht ervan naar buiten. Ook het geloof lijkt aanvankelijk eenvoudig. Maar als het door tegenkrachten wordt fijngewreven, verspreidt het zijn weldadige kracht, zodat het ook anderen die ervan horen of erover lezen met zijn goede geur vervult.

Mosterdzaad zijn onze martelaren […]. Zij bezaten de geur van het geloof zonder dat men het wist. Toen er vervolging kwam, legden zij de wapens neer. Zij bogen de hals en verspreidden, eenmaal door het zwaard vermorzeld, over de gehele wereld hun weldadige getuigenis. Het mag terecht heten: “Hun boodschap klinkt over heel de aarde.” (Ps 19,6) 
Het geloof wordt soms stukgewreven, soms samengedrukt, soms wordt het onder druk gehouden, dan weer wordt het als zaad gezaaid. De Heer zelf is het mosterdzaad. Onrecht was Hem nog niet aangedaan. Maar het volk kende Hem als mosterdzaad niet. Het had Hem nog niet aangeraakt. Zelf wilde Hij liever stukgewreven worden. Dan konden wij zeggen: “Wij zijn een reukoffer van Christus voor God.” (2 Kor 2,15) Hij wilde liever dat men tegen Hem aandrong. Vandaar ook zei Petrus: “Al de mensen om U heen staan te duwen en te dringen.” (Lc 8,45) Hij wilde liever worden uitgezaaid als een zaadje dat iemand kreeg en in zijn tuin zaaide (Mc 4,31). In de tuin toch is Christus gevangengenomen en begraven (Mc 14,32 en 43-52 en 15,42-47). In een tuin is Hij opgegroeid. Daar is Hij ook verrezen en een boom geworden zoals geschreven staat: “Als een kweeboom tussen het wilde hout, zo is mijn lief onder de jonge mannen.” (Hl 2,3)
Welnu, ook voor u geldt: zaai Christus in uw tuin – een tuin is in elk geval een plek vol bloemen en allerlei vruchten – laat daarin uw werken lieflijk opbloeien en naar alle kanten geur verspreiden van allerlei deugd. Laat dus waar vrucht is, Christus zijn. Zaai de Heer Jezus: Hij is een zaad wanneer men Hem vastgrijpt. Hij is een boom wanneer Hij verrijst, een wereldoverschaduwende boom. Hij is een zaad wanneer Hij in de aarde wordt begraven, een boom wanneer Hij zich ten hemel verheft. 

Uit: Ambrosius van Milaan – Zingen met mijn geest en ook met mijn verstand; – Budel : Damon 2005, p. 382-384.